Discriminatie
Discriminatie evolueert! Was het eerst tussen zwart en blank, of tussen rijk en arm; nu we dat in onze beschaafde wereld grotendeels hebben uitgebannen, evolueert discriminatie zich tot meer subtiele niveaus. Net als virussen past discriminatie zich aan aan de omstandigheden. Net als virussen is discriminatie onuitroeibaar en zal steeds winnen van de culturele wil tot beschaving.
Hoe komt dat?
Discriminatie heeft een functie! Het beschermt de levende natuur (waartoe uiteraard ook de mensheid behoort) tegen verloedering en degeneratie.
Koolmeesjes zullen zich niet vermengen met pimpelmeesjes; hoewel zij genetisch vrijwel identiek zijn, zullen zij zich niet vergissen in het kiezen van een partner. Dat is pure discriminatie.
Wij mensen zijn natuurlijk wat verder ontwikkeld en kunnen ons rationeel verzetten tegen deze afkeer van "anders getalenteerden". Wij volgen inmiddels het paradigma van "moet kunnen", zoals dat sinds de Verlichting steeds verder is ontwikkeld.
Discriminatie is niettemin nog steeds de basis van de biodiversiteit en van de ordening der soorten, de basis van de evolutietheorie van Darwin en zijn opvolgers. Al beweren nog zoveel rationalisten (denkers die het brein toedichten de definitieve overwinning te hebben behaald op de natuur) dat die tijd voorbij is; dat van de menselijke soort slechts een ras bestaat: de mens: zij hebben ongelijk.
Vraag aan de eerste verpleegkundige die je ontmoet of de hoogste medicus in het Havenziekenhuis van Rotterdam of alle mensen genetisch gelijk zijn en het antwoord zal ontkennend zijn. Er zijn zoveel verschillen dat je echt van rassen kunt spreken, tenzij je daar een ander woord voor wilt gebruiken. Zoals Labradors en Schnauzers onmiskenbaar honden zijn, verschillen ze in gedrag en eigenschappen volledig van elkaar.
Okay, rasverschil hoeft geen reden te zijn tot discriminatie, mag dat zelfs niet zijn. Althans niet in de zin van waardeverschillen. Een neger is niet minder dan een blanke, natuurlijk niet, maar wel anders. Dat onderscheid is trouwens de meest grove van alle vormen van discriminatie. Gaandeweg de evolutie hebben we als menselijke soort daar ook steeds meer nuance in gebracht. Vogeltjes hebben die nuance (nog) niet, (gebrek aan hersen gewicht teneinde van de grond te kunnen komen).
Als mensheid hebben we die nuance wel geprobeerd te adapteren, om uit de hand lopende aversie tegen andere rassen van onze soort te dempen, om oorlog en bloedvergieten te voorkomen. In de rafelranden van ons bestaan lukt dat ook wel een beetje. Westers beschaafde en westers hoog opgeleide licht of donkerder getinte "niet blanken" accepteren wij probleemloos. Maar als zo'n gast het heeft voorzien op onze dochter kost het heel veel moeite om niet in de oude rassenselectie te belanden.
Mensen blijven mensen, zoals Chimpansees ook zichzelf blijven en niet aan rasvermenging beginnen, zoals ook de pimpelmees alleen met zijn soortgenoten pimpelt.
Dit was slechts de inleiding!
We weten dus dat discriminatie op huidskleur en cultuur min of meer primitief is. Daar kun je in een "beschaafde" omgeving niet meer mee aankomen. Andere vormen nemen die primitieve opvattingen over.
Inmiddels komen we als mensheid veel verder!
DNA
We weten nu dat huidskleur, intelligentie, empathisch vermogen, om enkele voorbeelden te noemen, geen toevalstreffers zijn, maar genetisch bepaald.
Analyse van de genenstructuur geeft precies aan welke eigenschappen de drager van deze genenstructuur bezit. Zowel fysieke als psychise eigenschappen.
Discriminatie evolueert! Was het eerst tussen zwart en blank, of tussen rijk en arm; nu we dat in onze beschaafde wereld grotendeels hebben uitgebannen, evolueert discriminatie zich tot meer subtiele niveaus. Net als virussen past discriminatie zich aan aan de omstandigheden. Net als virussen is discriminatie onuitroeibaar en zal steeds winnen van de culturele wil tot beschaving.
Hoe komt dat?
Discriminatie heeft een functie! Het beschermt de levende natuur (waartoe uiteraard ook de mensheid behoort) tegen verloedering en degeneratie.
Koolmeesjes zullen zich niet vermengen met pimpelmeesjes; hoewel zij genetisch vrijwel identiek zijn, zullen zij zich niet vergissen in het kiezen van een partner. Dat is pure discriminatie.
Wij mensen zijn natuurlijk wat verder ontwikkeld en kunnen ons rationeel verzetten tegen deze afkeer van "anders getalenteerden". Wij volgen inmiddels het paradigma van "moet kunnen", zoals dat sinds de Verlichting steeds verder is ontwikkeld.
Discriminatie is niettemin nog steeds de basis van de biodiversiteit en van de ordening der soorten, de basis van de evolutietheorie van Darwin en zijn opvolgers. Al beweren nog zoveel rationalisten (denkers die het brein toedichten de definitieve overwinning te hebben behaald op de natuur) dat die tijd voorbij is; dat van de menselijke soort slechts een ras bestaat: de mens: zij hebben ongelijk.
Vraag aan de eerste verpleegkundige die je ontmoet of de hoogste medicus in het Havenziekenhuis van Rotterdam of alle mensen genetisch gelijk zijn en het antwoord zal ontkennend zijn. Er zijn zoveel verschillen dat je echt van rassen kunt spreken, tenzij je daar een ander woord voor wilt gebruiken. Zoals Labradors en Schnauzers onmiskenbaar honden zijn, verschillen ze in gedrag en eigenschappen volledig van elkaar.
Okay, rasverschil hoeft geen reden te zijn tot discriminatie, mag dat zelfs niet zijn. Althans niet in de zin van waardeverschillen. Een neger is niet minder dan een blanke, natuurlijk niet, maar wel anders. Dat onderscheid is trouwens de meest grove van alle vormen van discriminatie. Gaandeweg de evolutie hebben we als menselijke soort daar ook steeds meer nuance in gebracht. Vogeltjes hebben die nuance (nog) niet, (gebrek aan hersen gewicht teneinde van de grond te kunnen komen).
Als mensheid hebben we die nuance wel geprobeerd te adapteren, om uit de hand lopende aversie tegen andere rassen van onze soort te dempen, om oorlog en bloedvergieten te voorkomen. In de rafelranden van ons bestaan lukt dat ook wel een beetje. Westers beschaafde en westers hoog opgeleide licht of donkerder getinte "niet blanken" accepteren wij probleemloos. Maar als zo'n gast het heeft voorzien op onze dochter kost het heel veel moeite om niet in de oude rassenselectie te belanden.
Mensen blijven mensen, zoals Chimpansees ook zichzelf blijven en niet aan rasvermenging beginnen, zoals ook de pimpelmees alleen met zijn soortgenoten pimpelt.
Dit was slechts de inleiding!
We weten dus dat discriminatie op huidskleur en cultuur min of meer primitief is. Daar kun je in een "beschaafde" omgeving niet meer mee aankomen. Andere vormen nemen die primitieve opvattingen over.
Inmiddels komen we als mensheid veel verder!
DNA
We weten nu dat huidskleur, intelligentie, empathisch vermogen, om enkele voorbeelden te noemen, geen toevalstreffers zijn, maar genetisch bepaald.
Analyse van de genenstructuur geeft precies aan welke eigenschappen de drager van deze genenstructuur bezit. Zowel fysieke als psychise eigenschappen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten