donderdag, februari 03, 2011

Journaille

Het eerste wat je krijgt aangereikt als je een vakopleiding volgt is zelfvertrouwen en geloof in eigen kunnen. Bij journalistiek krijgt dat extra aandacht, omdat journalisten als vak hebben het inbreken in andermans leven. Dat rechercheurs dat doen om een misdaad uit te zoeken is logisch, maar journalisten doen dat ook zonder dat er misdaad in het spel is. Rechercheurs ondervragen verdachten van een misdaad, journalisten, een niveautje lager, komen niet verder dan verdachtmakingen (de goede onderzoeksjournalisten niet te na gesproken. Natuurlijk zit er ook koren onder het kaf.) Op zoek naar een "scoop" worden vermoedens opgeblazen tot verdachtmakingen (uiteraard zonder bronvermelding of onderbouwing, want morgenochtend om zeven uur moet de krant weer op de deurmat liggen. En wie de voorpagina haalt verdient de bonus, zelfs als de dag erna op pagina zeven in klein corps een erratum wordt afgedrukt. Geen excuses, welnee, kan gebeuren, toch? De schade is niet belangrijk zolang de gedupeerde geen proces aanspant en die zal dat wel uit z'n hoofd laten, omdat de lijdensweg die dat oplevert onoverzienbaar is met de NVJ (Nederlandse Vereniging van Journalisten), de hoofdredacties en alle gelieerde opportunisten met ongebreidelde toegang tot de "vrije pers", de massamedia, de oorverdovende scheepstoeter die alle nuance uit je oren blaast, op je nek.
En was het nu alleen maar bij de gedrukte nieuwsvoorziening gebleven dan was het nog niet zo'n probleem, maar radio, teevee, internet heeft de reikwijdte van het journalistiek geneuzel schier onbeperkte ruimte gegeven. Komt bij dat ooit alleen de allerbesten journalist of (oorlogs) correspondent konden worden. Nu studeren jaarlijks hele horden aankomende journalisten af en die moeten allemaal een baan hebben. Ik wil het dan nog niet eens hebben over de diploma's die slechts worden verstrekt om de inkomsten van de onderwijsinstelling op te krikken. Ik ga er van uit dat negentig procent van de afgestudeerden terecht hun diploma in ontvangst hebben genomen. En bij die onderwijsinstellingen gaan ze er van uit dat die overige tien procent toch wel zal sneuvelen. Het leven corrigeert zichzelf.
Maar in die negentig procent zit toch nog wel de helft beneden het midden, zoals in elk beroep. Het verschil is dat als een loodgieter z'n werk niet goed gedaan heeft, je z'n baas belt en die zorgt dat het alsnog in orde komt. Niet dus bij journalisten, hun missers hebben massabereik en hun bazen, niet op de hoogte van de werkelijkheid, staan simpelweg achter hun nietsnut.
Onjuiste, gekleurde, halve informatie word enthousiast, of diep verontwaardigd, als de ultieme waarheid voorgeschoteld. Niemand die het verifiëren kan, dus is het de waarheid. En wij, simpele burgers, slikken dat als zoete koek. Wat moet je anders, betere informatie heb je toch niet? Ja, je kunt op twitter kijken of allerlei blogs lezen, maar daar wordt het alleen maar erger van.

Maar wat het allerergste is is dat journalisten blijkbaar alleen maar met zichzelf bezig zijn. Dezer dagen is het journaille massaal afgereisd naar het Midden Oosten: Tunesië, Egypte. Opgewonden veslagen vanuit het midden van de "brandhaard" whatever that may be. Een plein, ja natuurlijk, zoals in Hongarije in 1956, in China en nu in Egypte. Zoiets als het Museumplein bij ons of de Dam, of het Malieveld.
En waar gaat het dan om? "Ben je daar wel veilig?" Nou niet helemaal, ik heb een paar klappen op mijn hoofd gehad en ze hebben mijn fototoestel gestolen. Maar ik ga gewoon door, want dit is belangrijk." Nou wees maar voorzichtig".
Wat is dit voor gelul. Gaat het om journalisten of om mondiale veranderingen? De journalisten denken dat het natuurlijk om hen gaat, ze beppen lekker met elkaar ten overstaan van honderdduizenden, zo niet miljoenen kijkers en luisteraars. Wat een eigendunk, om ons met hun persoonlijke problemen en opvattingen lastig te vallen.
Ik kan er niet meer tegen.
Trouwens... waarom heb ik Joris Luijendijk de laatste weken niet meer gehoord? En nog vele andere gereputeerde kenners? Waarom hoor ik alleen maar vriendjes van de vriendjes die toevallig aan de beurt waren?

Journaille, sorry, maar het rijmt ergens op*


* rapaille

WAV

dinsdag, februari 01, 2011

Hypocrisie

Al heel vaak wilde ik de titel hypocrisie voor een column gebruiken, maar steeds besloot ik anders vanwege de lading die dat begrip heeft. Vandaag kan ik de verleiding niet weerstaan en verwacht ook na heden die titel niet meer te gebruiken. Immers er is geen overtreffende trap van hypocrisie en vandaag is de dag van deze overtreffende trap.
Hypocrisie is de huichelachtigheid ten top. Iets voorwenden: vriendschap, zielsverwantschap, verbondenheid. Niet omdat het zo is, maar uitsluitend om er voordeel mee te behalen, zelfs ten koste van die vriendschap, zielsverwantschap of verbondenheid. Althans op den duur, want ooit wordt de ballon met lucht doorgeprikt en wordt de waarheid zichtbaar.
In de mondiale politiek is hypocrisie een volstrekt geaccepteerd fenomeen en de diplomatie heeft dit tot in de uiterste vezels ontwikkeld. Diplomatie is in feite per definitie hypocriet. In plaats van: "wat zijn jullie in onze ogen toch een stelletje klootzakken" word met een glimlach en serieuze uitstraling gezegd: "Wat kunnen wij samen doen om onze vriendschap verder te versterken" De analisten van beide kanten, die naderhand elk woord op een goudschaaltje wegen weten precies dat met de diplomatieke variant het eerste bedoeld wordt. Toch werkt het wel, want met vriendelijkheid wordt ruzie voorkomen. Diplomatie is derhalve uitstel van executie en hypocrisie is daarvan een belangrijk instrument. Uitstel kopen.
De VS, als opvolgers van alle vroegere wereldrijken hebben de hypocrisie tot kunst verheven en zijn daar tot dusverre heel ver mee gekomen. Het Pentagon is een toverhuis dat dagelijks de hypocrisie verder perfectioneert. Toch zal het de VS op de lange termijn niet baten, zoals nu ook blijkt uit de ontwikkelingen in het Midden Oosten.
Ik ben achtenzestig en zolang als ik mij kan herinneren heeft de VS Egypte gesteund, gepemperd, geld gegeven, wapens geleverd en ons voorgehouden dat het een oude en wijze cultuur was. In de loop der jaren ben ik er twee keer geweest en heb beide keren geconcludeerd: "hier horen wij niet".
Neemt niet weg dat de Westerse pers netjes de boodschappen uitbazuinde die de "His Masters Voice", de VS dus, wenste te communiceren. Nooit heb ik in Nederland enige kritiek op Egypte gehoord. Integendeel.
Maar nu opeens: Moubarak is een wrede dictator die zijn volk onderdrukt en in armoede laat honger lijden en creperen". "Het volk heeft recht op Democratie", hoewel dat woord nog nooit is voorgekomen in de Egyptische geschiedenis en geen Egyptenaar weet wat dat betekent.
Een vriend van mij zei ooit, toen we bij de pyramiden van Cheops stonden: "Niet te geloven dat dit ooit zo'n machtig Rijk was, terwijl de enige pyramiden die ze nu nog kunnen bouwen een stapeltje sinaasappelen is in een kraampje langs de weg.
Dat heeft alles te maken met de Islam. In de tijd van het Egypte van de Farao's, ver voor het ontstaan van de Islam, was Egypte een Kenniseconomie en superieur in heel Noord Afrika en Arabië. Hoe het gekomen is, ik weet het niet, maar nadat de Islam de macht had overgenomen, is het vooruitgangsdenken vervangen door apathie. Niks doen en wachten op de maagden in het hiernamaals.
Ismaël, de liefdesbaby van Abraham (of Ibrahim,) die met zijn moeder de woestijn werd in gestuurd omdat Sara weer uit haar lethargie ontwaakte, heeft terecht zijn vader vervloekt vanwege zijn hypocrisie en gezworen dat niet ongestraft te laten. De oorsprong dus van de Islam.
Ismaël haatte Sara, dat oude kreng, maar ook zijn moeder omdat zij zich liet wegsturen door die stomme schaapherder Abraham.
Vrouwen hebben daarom geen enkele status in de Islam, ze tellen niet mee, behalve als broedstoof voor het nageslacht.
Dat land, Egypte, werd door de VS uitverkoren als bondgenoot. Om geen enkele andere reden dan om Israël veiligheid te bieden in de inmiddels volledig Islamitische wereld van het Midden Oosten. Bovendien had het Westen zodoende een behoorlijke uitkijkpost in het post Ottomaanse (zeg Islamitische) Rijk.
En al die jaren heb ik nooit iets gehoord van kritiek, van afkeuring. Met tienduizenden tegelijk vlogen wij met onze Boeings en Airbusses naar Egypte om te genieten van cultuur, beschaving en schoonheid.
Maar nu het ministaatje Tunesië de zogenoemde "Jasmijnrevolutie" heeft ingezet (dezelfde bullshit trouwens, dertig jaar in de pas lopen en dan mopperen dat je honger hebt) en Egypte ook dapper lijkt te worden, trekken we onze hypocriete handen af en roepen: Geef het Volk Democratie! Dat lost alle ellende op. Dat brengt welvaart, werk en zelfs rijkdom.
Opnieuw word het volk dus volstrekt belazerd. Democratie is geen oplossing voor landen die door de eeuwen heen succes hebben gehad met andere culturen en opvattingen. Democratie schept geen banen en de rijkdom die het creëert riekt op z'n zachts gezegd naar ernstig doorgeschoten kapitalisme en egoïsme.
Samenvattend lijkt democratie dus afschuwelijk veel op hypocrisie. Sprookjes! (maar beter is er niet, hoor je er dan achteraan te zeggen)

WAV