Elite
Wij Nederlanders hebben een hekel aan het begrip “Elite”. Het past niet bij onze zucht tot nivellering, bij onze bescheidenheid van “wie als een dubbeltje geboren is wordt nooit een kwartje” en “je hoofd niet boven het maaiveld uitsteken” en “doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg”.
De Dikke van Dale zegt over elite: “kleine groep van voorname mensen” De sfeer van deze omschrijving bevalt mij niet. Het gaat er niet om of de groep klein is, hij moet zelfs zo groot mogelijk zijn. En het gaat niet om de voornaamheid, maar om de uitnemendheid, de combinatie van kwaliteiten en facilitaire mogelijkheden. Elke gemeenschap (dorp, land, kerk, hulporganisatie) heeft elite nodig: mensen die goed zijn opgeleid, over netwerken beschikken, leiding kunnen geven, oplossingen kunnen aandragen, uitvoeringen in gang kunnen zetten. Mensen die kunnen opleiden, stimuleren en faciliteren. En in hun rol ook een voorbeeldfunctie vervullen voor anderen en komende generaties.
Wat zou Haïti vandaag de dag beter af zijn als men vanaf 1804 een gedegen schoolsysteem had opgezet en aandacht had besteed aan elitevorming. Aan Frankrijk heeft dat niet gelegen, die weten hoe zoiets moet en hoe belangrijk dat is. Maar Haïti is in die eeuwen niet verder gekomen dan vrijheid, blijheid, voodoo en ontevreden wachten op hulp. Kijk maar naar de televisiebeelden: ze gaan op een dekentje op straat zitten wachten op hulp in plaats van zelf de handen uit de mouwen te steken. Dat doen de “elitaire blanken”, die weten dat alleen bergafwaarts vanzelf gaat. En als er een camera voorbij komt weten ze ook nog uitstekend te verwoorden dat de hulp te laat is en onvoldoende. Anderen slaan aan het plunderen en wapens zijn er ook blijkbaar in overvloed.
Ach, niets nieuws onder de zon, In Nigeria, Kameroen, Zuid-Afrika, Angola, Congo en al die andere Afrikaanse landen is het niet anders. Zelfs Liberia (de naam betekent vrijheid), nooit een kolonie geweest heeft kennelijk nooit kans gezien aan elitevorming te doen. Ik bedoel natuurlijk niet de corrupte zakkenvullers die zich in die streken de staatsmacht toe-eigenen, al of niet met hulp of instemming van Amerika, Europa of China. Elite, dat zijn mensen die met inzet van hun beste kwaliteiten bouwen aan verbetering.
Zo zou het in Van Dale en Wikipedia moeten staan. En zo niet, welk woord zou Van Dale dan hebben voor de elite die ik bedoel?
Wij zouden als Nederlanders trots moeten willen zijn om tot een elite te behoren. We zouden dat moeten willen, om zodoende onze beste kwaliteiten in te zetten voor de gemeenschap. Iedereen die het goede voorbeeld geeft, normen en waarden overdraagt, onderwijzers, bedrijfsdirecteuren, managers, gezagsdragers, ze hóren elitair te zijn. Een professor, minister, maar ook degene op nog veel lager niveau, die zijn kwaliteiten verloochent door zichzelf weg te bagatelliseren met opmerkingen als “ach, ik ben ook maar een profeet die brood eet”, verzaakt zijn elitaire plichten. Het is net zoiets als de morele code uit het feodale tijdperk: “Adel verplicht” . Zo is het. Toen later het volk de macht overnam (noem het democratie) werd deze code veranderd in “Arbeid adelt” Prima, dat is ook zo, maar dan blijft niettemin recht overeind dat Adel verplicht. Elite is de moderne adel, die tot taak heeft voor te leven, ten voorbeeld voor anderen; het heft in handen te nemen en het vervolgens over te dragen aan de toekomstige elite.
Nee, niet iedereen kan deel uitmaken van de elite. Niet iedereen is hetzelfde begiftigd. Dat hoeft ook niet. Als mensheid zijn wij niet gelijk, maar wel gelijkwaardig. De één moet sjouwen, de ander moet denken, maar als je als denker toevallig begiftigd bent met meer talenten dan de sjouwer, is het vaandelvlucht om je natuurlijke lidmaatschap van de elite te ontkennen. Dan doe je onrecht aan de sjouwer en verzaak je je plicht als lid van de elite die de zorgplicht heeft voor de continuïteit.
Elite deelt geen spiegeltjes en kraaltjes uit, maar leert de mensen lezen, schrijven en rekenen, alsook fatsoensnormen en waarden. Elite geeft geen vissen om te eten, maar geeft hengels en leert de mensen vissen. Elite pempert niet en laat mensen niet op dekentjes wachten op hulp maar zet ze aan het werk om zelf de lijken uit te graven en de overlevenden te redden. Elite laat niet toe dat ze voor de camera hun ongenoegen kenbaar maken, terwijl ze zelf als verpleegster of dokter of wat dan ook voor hulpverlener zich acht slagen in het rond werken om te kunnen doen wat mogelijk is.
Deze voorbeelden hebben natuurlijk betrekking op de actualiteit van deze dagen, maar ook in het normale dagelijks leven geldt dit onverminderd.
De Wikipedia geeft als definitie van elite:
De bovenklasse of bovenlaag (Engels: upper class) bestaat uit welgestelde personen die financieel onafhankelijk zijn.
De bovenklasse is een elite die is geboren en opgegroeid in sferen van culturele, bestuurlijke of maatschappelijke verdiensten, adeldom of oud geld. Er is sprake van intuïtie voor wellevende omgangsvormen en een hoog cultureel besef, ongeacht de daadwerkelijke levenswandel
Tjonge, wat een onbenul.
Heel jammer dat de bestorming van de Bastille op 14 juli 1789, ruim twee eeuwen geleden kennelijk nog steeds niet heeft opgeleverd dat ook na de beëindiging van het feodale stelsel in Europa, de getalenteerde burger maatschappelijke plichten had die hem uitnemender maakte dan velen in zijn kielzog en hem derhalve een natuurlijk lidmaatschap tot de elite bezorgde.
Nogmaals: de afwijzing daarvan, het onttrekken daaraan, is vaandelvlucht. Daar maakte de adel in vroeger eeuwen korte metten mee.
(Toevoeging alleen voor Rotary: Wij geven geen spiegeltjes en kraaltjes, wij initiëren, stimuleren, faciliteren; wij zijn Elite met Elitaire plichten.)
Wim van Halm
Geen opmerkingen:
Een reactie posten